Missie

De Beerring 1 & 2, Westakker, Hand-in-Hand, De Buiteling, ‘t Klavertje, Picardschool, Het Mozaïek, De Horizon en De Brug... allen christelijk geïnspireerde onderwijsverstrekkers voor kinderen tussen 2,5 en 13 jaar vormen opnieuw, vanaf 1 september 2011, samen een scholengemeenschap in Beringen.

De naam  SGVBB staat voor  ‘Scholen Gemeenschap Vrij Basisonderwijs Beringen'.

 

De bestaansreden van onze scholengemeenschap is om, binnen de specifieke Beringse context, een ondersteunend platform aan te bieden aan de participerende scholen om hen bij te staan in de realisatie van hun schooleigen opvoedingsproject.

 

De fundamenten daarvoor vinden we terug in:

  • Onze gemeenschappelijke ‘christelijke geïnspireerdheid’ van waaruit elke school haar opvoedingsproject uitgeschreven heeft. De waarden ‘solidair met elkaar, dienstbaar voor elkaar en vertrouwen in elkaar’ vormen de basiswortels waarop we onze scholengemeenschap willen bouwen en verder laten groeien. Dit vinden we terug in de Opdrachtverklaring van het Katholiek Basisonderwijs. (OKB) 
  • De verplichte ontwikkelingsdoelen en eindtermen en de daarop geënte leerplannen van het VVKBaO zijn de instrumenten om dit schooleigen opvoedingsproject te realiseren. Voor de kindbetrokken personeelsleden is de kennis ervan, het inzicht en actualisering ervan een absolute vereiste.
  • De organisatie van een school is in niets meer te vergelijken met deze van een aantal jaren geleden. Steeds meer nieuwe taken, opdrachten en verantwoordelijkheden worden aan de scholen toevertrouwd. Duidelijke afspraken maken, opdrachten uitwerken, samen zoeken naar oplossingen voor nieuwe uitdagingen,enz.  moeten de scholen in staat stellen om antwoorden te vinden op nieuwe uitdagingen, maar ook om de beheersbaarheid van de eigen school te handhaven.
  • Ongeveer 350 personeelsleden van de participerende scholen worden nog meer met mekaar verbonden door deze scholengemeenschap. Dit is een hele uitdaging en verantwoordelijkheid.  Het voeren van een degelijk personeelsbeleid is daarbij fundamenteel.  De wetgever voorziet hiervoor reeds een aantal verplichte toepassingen, maar laat anderzijds toe dat er zelf, goed doordachte keuzes worden gemaakt.
  • Vanuit de specifieke Beringse context worden onze scholen, de ene al wat meer dan de andere, geconfronteerd met probleemsituaties zoals lage scholingsgraad ouders, thuistaal niet-Nederlands. Dit vergt van onze scholen bijkomende inspanningen, die niet enkele binnen de verschillende scholen, maar ook binnen de maatschappelijke ‘Beringse’ context, moeten gestuurd worden.
  • Via de scholengemeenschap kan mee ondersteuning geboden worden om er mee voor te zorgen opdat elk kind, en in de mate van het mogelijke,  in zijn eigen buurt terecht kan in een school van onze scholengemeenschap. Zodoende kan hij/zij ten volle mee genieten van de meerwaarde die door deze samenwerking gerealiseerd worden.

 

Visie

Op 1 september 2011 begint voor onze scholengemeenschap een nieuwe periode.

We vertrekken van het uitgangspunt dat de scholengemeenschap een geschikt samenwerkingsplatform is, het lokale netwerk waarin men streeft naar verbondenheid en wederzijdse steun.
De initiatieven op niveau van de scholengemeenschap zijn ondersteunend  aan de kerntaak van het
onderwijs: 

‘ Het leerproces en de opvoeding van de kinderen staat centraal.’

 

  • Onze SGVBB wil, in de eerste plaats, al haar kinderen onderwijs laten volgen:
    • zoals voorgesteld door de richtlijnen van het VVKBaO en door de OKB. 
    • vanuit zijn/haar eigen achtergrond en individuele mogelijkheden
    • binnen een goede, kindvriendelijke en uitdagende leeromgeving
    • gegeven door goed opgeleide en bekwame leerkrachten
    • in een zichzelf voortdurend in vraag stellende organisatie.
  • Alle initiatieven die we nemen inzake organisatie, financiering, kwaliteitszorg, interne reglementering, personeelsbeleid, … worden getoetst aan het uiteindelijke doel van ons onderwijs: het leerproces en de opvoeding van het kind.
  • Om dit te kunnen bewerkstelligen werken we als scholen samen.  Zo leren we mekaar beter kennen en kunnen we gebruik maken van elkaars sterktes. We denken goed na over wat we op schoolgemeenschapniveau organiseren. Is er voldoende winst ? Wat kunnen we als school misschien beter zelf organiseren ? Het principe van subsidiariteit mogen we zeker niet uit het oog verliezen.

 

Om het onderwijs te kunnen bieden waarop onze kinderen recht hebben zijn de volgende bouwstenen
erg belangrijk:

‘Het welbevinden van leerkrachten en leerlingen.’

 

  •  Dit is een noodzakelijke voorwaarde zowel voor de leerkracht als voor de leerling om goed te presteren in heel het onderwijsgebeuren.
     Leerkrachten zijn voor een groot deel verantwoordelijk voor het welbevinden van de leerlingen.  Leerkrachten zijn verantwoordelijk voor het welbevinden van collega’s samen met directie, schoolbestuur, ouders en scholengemeenschap.  Niet alleen de school is verantwoordelijk voor het welbevinden van leerkracht en leerlingen, maar de thuissituatie, familie, vrienden, … spelen hierin ook een grote rol.  Het welbevinden van de leerkracht gaat vaak gepaard met het onder controle houden van de werkdruk en draagkracht. De scholengemeenschap kan hier een ondersteunende functie hebben.
  • Een goede infrastructuur ondersteunt het welbevinden van leerkrachten en leerlingen.  We streven naar een school waar iedereen zich thuisvoelt.  Deze materie is de verantwoordelijkheid van de plaatselijke schoolbesturen. De scholengemeenschap kan hierin een logistieke ondersteuning bieden.
  • Een eerlijk, duidelijk en weloverwogenpersoneelsbeleid’ draagt er zeker toe bij om een sfeer in onze scholengemeenschap te creëren die het welbevinden van de leerkrachten, en dus ook onrechtstreeks dat van de leerlingen, ten goede komt. Ook hierin kan de scholengemeenschap ondersteunend werken.

 

‘De eigenheid van elke school respecteren.’

 

  • De individuele school en haar eigen opvoedingsproject, opgebouwd vanuit jarenlange tradities, tracht de leerlingen kwaliteitsvol onderwijs te bieden. De scholengemeenschap houdt rekening met het eigen karakter en de specifieke opdracht van elke school. We hebben oog  voor de noden van elke school.  Daarnaast verwachten we dat elke school openstaat voor nieuwe ideeën vanuit de scholengemeenschap. We kunnen van  mekaar leren. Mekaar beter leren kennen (ook schoolbesturen) zorgt voor vertrouwen en is het begin van een goede samenwerking.

 

Om deze gekozen prioriteiten in de praktijk gestalte te geven streeft onze scholengemeenschap ernaar om een nieuw en optimaal samenwerkingsverband te realiseren tussen de deelnemende scholen. Dit alles gebaseerd op een ‘wederzijds vertrouwen’, engagement en vanuit een loyale ondersteuning. Ons moto daarvoor is ‘solidair met elkaar, dienstbaar voor elkaar en vertrouwen in elkaar’.
Onze scholengemeenschap heeft nood aan goede, duidelijke afspraken. We willen de uitdaging aangaan om een aanvaardbare oplossing te vinden om samen te werken aan wettelijke verplichtingen met gedeelde verantwoordelijkheden en duidelijke afspraken te maken voor (andere) samenwerkingspunten.
Daarbij worden volgende effecten verwacht:

  • Groeien in solidariteit, dienstbaarheid en vertrouwen
  • Mogelijkheden creëren om mekaar en mekaars mening beter te leren kennen.
  • Open communicatie
  • Luisterbereidheid
  • Schooloverstijgend denken
  • Als een goede huisvader handelen.
  • De wijze waarop beslissingen worden genomen vooraf bepalen.
  • Een aanvaardbaar personeelsbeleid voor alle participanten.